Het rijmt wel lekker: ‘mat mc, weg ermee’. Maar het zegt niets over de haalbaarheid van die uitspraak, of de consequenties ervan. We gaan daarom in deze publicatie uit van een andere invalshoek: ‘mat mc bestaat’ en vervolgens ‘wat doe je ermee?’

Mat mc is ooit ontwikkeld omdat er vraag naar was en die is er nog steeds. De vraag is dus belangrijker: hoe kun je het ’t best verwerken, zodat je er optimaal profijt van kunt hebben? Het is bijvoorbeeld bekend dat mat mc extra gevoelig is voor krassen in het drukwerk en dat de inkt die erop gedrukt is vaak ‘afgeeft’. Deze problematiek wordt meestal kort samengevat in het begrip ‘inktschuurvastheid’.

 

Dit is MC

MC. De afkorting staat voor ‘machine coated’. Papier dat voorzien is van een ‘strijklaag’, een coating om het papier beter bedrukbaar te maken. MC is een verzamelbegrip. Pak een prijscourant van een papierleverancier en je hebt een heel scala aan mc’s bij de hand: machine gestreken ‘gesatineerd, silk en mat’. Het resultaat van een ontwikkeling, die vroeg om papier waarop steeds ‘fijnere’ drukresultaten mogelijk moesten zijn.

Het drukbeeld wordt opgebouwd uit rasterpunten. Hoe fijner het raster, des te fijner de details kunnen worden weergegeven. Een fijne detailweergave vraagt om een zo glad mogelijk oppervlak. Door het basispapier tussen ongelijkmatig draaiende ‘gestapelde walsen’ door te halen wordt het papier gladder (kalanderen).

Papier was daarmee gladder geworden, maar niet glad. Wie een vel ongestreken gekalanderd papier onder een microscoop legt, zal schrikken van het ‘heuvellandschap’ dat hij ziet. De vezels, nog altijd de basis van ieder vel papier, liggen over en onder elkaar door.

Om dit ‘probleem’ op te lossen heeft men een procédé ontwikkeld waarbij men een mengsel, dat voor het grootste deel bestaat uit krijt en kleipigmenten in een flinterdunne laag op het papier aanbrengt, waardoor het papier ècht glad wordt. ‘MC’ is geboren.

De coating wordt aangebracht doormiddel van het wegnemen van ‘in overmaat’ aangebrachte coating middels afrakelen. Afhankelijk van de papierkwaliteit worden er tweezijdig één, twee of drie lagen coating aangebracht. (single, double of tripple coated mc)

 

Spanningsveld

Het verkrijgen van een optimaal drukbeeld op machine coated papier geeft in de praktijk een bijzonder ‘spanningsveld’. Het zou namelijk vanwege de bedrukbaarheid zoveel mogelijk coating moeten bevatten en tegelijkertijd vanwege de ‘runability’ zoveel mogelijk vezels. Het gemiddeld aandeel van de coating in het gramgewicht van gestreken papier is 25 gram per vierkante meter per zijde.

 

‘Machine coated mat en silk papier geeft een mooi, strak en helder drukbeeld,
maar krast nog al eens …
Daarom adviseren wij om het altijd af te werken met een veredelende
matte of halfmatte dispersielak’

 

Inkt

Om een snelle wegslag van de inkt te bewerkstelligen, bestaat inkt meestal voor 30 tot 35 procent uit olie. Beperk je het aandeel daarvan tot 15 procent, dan leidt dat tot een tragere wegslag en droging. In het eerste geval hebben we ‘snelle’ inkt. Deze is echter minder ‘wrijfvast’. Logisch, want er is nog maar 65 procent over voor de componenten die wel bijdragen aan de wrijfvastheid, zoals hars, vernis, lijnolie, droogstof en wax. In het tweede geval hebben we ‘tragere’ inkt, maar wel een betere ‘wrijfvastheid’. het is belangrijk om er alles aan te doen om te voorkomen dat de inkt (te) traag droogt.

 

Droogtijd

Is er voldoende tijd om de inkt te laten drogen en om het materiaal verantwoord te laten verwerken? We weten uit de praktijk dat er zelfs met een uitgeharde inktfilmlaag problemen kunnen ontstaan, wat impliceert dat een onvoldoende uitgeharde inktlaag dus extra gevoelig is en bijna zeker zal leiden tot problemen tijdens het afwerken van het product.

Iedere keer dat het ene vel langs een ander ‘schuurt’ draagt het risico van beschadigen in zich. Vaak is dat niet te vermijden. Zo worden vellen nadat ze bedrukt zijn, in de afwerking vaak nog gestanst, gerild, gevouwen, vergaard, gehecht, gelijmd en/of genaaid, ingehangen, schoongesneden en verpakt.

Al deze handelingen hebben systemen (wieltjes, geleidebandjes, zuigertjes, grijpertjes, geleidestangetjes, kogelbanen, etc.) om er voor te zorgen dat de vellen papier zo door de machine ‘lopen’ dat ze exact kunnen worden afgewerkt zoals de bedoeling was. Al deze contacten kunnen hun sporen achterlaten op het papier.

 

Je krijgt niet altijd wat je denkt

Vijfkleurenpersen worden soms aangeschaft omdat je er vier kleuren mee kunt drukken én tegelijk kunt vernissen. Dit vernissen is dan meestal bedoeld om de inktschuurvastheid te verbeteren. Hoe anders kan dat uitpakken: omdat het vernis praktisch gelijktijdig met de inkt wordt opgebracht en dus mét de inkt wegslaat in het papier, is de ‘beschermingsfactor’ van het vernis gereduceerd tot 10 à twintig procent van de oorspronkelijk beoogde waarde.

 

Dispersielak

In tegenstelling tot ‘nat-in-nat-vernissen’ is het wel mogelijk om de inkt in-line af te dekken met een disperielak. Deze flinterdunne laklaag vormt een droog ‘netje’ op de inkt, waardoor de inkt niet meer kan ‘smetten’ en door de microscopisch kleine gaatjesstructuur in de lak wel kan doordrogen.

 

Controlelijst

Wat je moet weten als je kiest voor mat mc:

  1. de oorsprong van klachten zit meestal in de combinatie van materialen en bewerkingen. Klachten zijn vaak te voorkomen door goede communicatie.
  2. de oppervlakte van de verschillende soorten mc kun je zien als variërend van een ‘ijsbaan’ (gesatineerd) tot een ‘berglandschap’ (mat). Hoe ruwer het papieroppervlak, des te groter de schurende werking.
  3. de kans op beschadigen wordt verkleind door de juiste sneldrogende inkten te gebruiken met een zo hoog mogelijke wrijfvastheid
  4. die schurende werking kan nog versterkt worden door te ‘uitbundig’ gebruik van anti-smetpoeder. De impact daarvan hangt af van de opgebrachte hoeveelheid, de vorm- en de grootte van de korrel en de gelijkmatigheid waarmee ze wordt aanbracht.
  5. een combinatie van papier met een volvlakbedrukking en onbedrukte delen, zal altijd het risico in zich hebben dat eventueel ‘smetten’ en ‘bloeden’ van de inkt direct zichtbaar wordt.
  6. door het drukwerk te veredelen met een nat-op-droog vernis of dispersielak, bescherm je de inktlaag optimaal tegen ‘smetten’ en ‘bloeden’ tijdens het drukken, snijden, afwerken, maar ook bij het uiteindelijke gebruik van het grafische eindproduct.

 

Problemen kennen we niet … alleen oplossingen 

Met deze populaire uitdrukking zouden we de problemen die we tijdens het drukken en afwerken van onbeschermde mat en silk mc producties onder het tafelkleed kunnen schuiven, maar daarmee beslist geen recht doen aan de ernst van de zaak.

 

Er zijn regelmatig problemen met de ‘inktschuurvastheid’ en dan altijd bij voorkeur bij exclusief drukwerk, als kunstboeken en luxe catalogi welke vaak combinaties bevatten van ‘zware’ drukvlakken en onbedrukte delen. Zoals gezegd beschadigt het (ruwe) papier, onder een zekere druk, de inktlaag. Zelfs als die is uitgehard. Hoe ruwer het papieroppervlak, des te groter is de schurende werking.

 

Het probleem is grotendeels te voorkomen door het drukwerk te veredelen met een dispersielak. Daarmee bescherm je de inktlaagoptimaal tegen ‘smetten’ en ‘bloeden’ tijdens het drukken, snijden, afwerken, maar ook bij het uiteindelijke gebruik van het grafische eindproduct.

 

 

Bron: “Mat mc wat doe je ermee?” een initiatief van de Sectie Drukwerk en Afwerking van het KVGO